Rekenvoorbeeld kostendelersnorm PW

Woont u met meerdere mensen die ouder zijn dan 21 jaar in hetzelfde huis, dan kan het zijn dat de kostendelersnorm geldt.

Kostendelersnorm

Woont u met meer mensen van 21 jaar of ouder in één huis? Dan krijgt u een lagere uitkering. De reden hiervoor is dat u samen de woonkosten kunt delen. Het maakt dus niet uit wat de reden is dat u in één huis woont. Dit heet de kostendelersnorm. Niet alle mensen die bij u in hetzelfde huis wonen, tellen mee voor de kostendelersnorm.

Wie tellen niet mee?

  • Inwoners jonger dan 21 jaar
  • Inwoners die studeren (BBL of met studiefinanciering)
  • Inwoners die betalen voor de kamer en/of de kost en inwoning. Met een huurcontract en/of betaalbewijzen moet u dit wel aantonen

Berekening uitkering bij kostendelersnorm

We berekenen de uitkering op de volgende manier:

((40% + A x 30%) / A ) x B

Hierbij is:
A = het aantal personen van 21 jaar of ouder dat in hetzelfde huis woont en meetelt voor de kostendelersnorm
B = het bedrag aan uitkering voor samenwonenden inclusief vakantietoeslag

Voorbeeld 1

Een huishouden bestaat uit vader en moeder en 2 kinderen van 22 en 25 jaar. Vader heeft een netto inkomen van € 2.000,- per maand. Moeder heeft geen inkomen. De zoon werkt en verdient € 1.000,- netto per maand. De dochter vraagt een bijstandsuitkering aan.

De dochter krijgt een uitkering per maand van:
(40% + 4 x 30%) / 4 = 40% x € 1.574,03 = € 629,61 inclusief vakantietoeslag.

De inkomsten en het vermogen van vader en de broer tellen niet mee.

Voorbeeld 2

Als de werkende zoon verhuist, bestaat het huishouden nog maar uit 3 mensen: vader, moeder en de dochter die een uitkering ontvangt. Doordat zoon verhuist, verandert de uitkering van dochter naar:

(40% + 3 x 30%) / 3 = 43,33% x € 1. 574,03 = € 682,03 inclusief vakantietoeslag.